Eindelijk duurzame groei?

Heleen de Coninck - Voor het eerst wordt in een regeerakkoord het milieubeleid in samenhang bekeken met het economische beleid. Dat is goed nieuws. Bij nadere beschouwing blijkt echter dat de uitruil tussen PvdA- en VVD-wensen niet zonder meer leidt tot een solide duurzaamheidsagenda.

Wat zou Diederik ervan hebben gemaakt? Als in duurzaamheid geïnteresseerd PvdA-lid wendde ik mijn aandacht bij het verschijnen van het regeerakkoord meteen naar het traditionele milieu- en natuurhoofdstuk. Ik vond het eerder dan ik gewend was: in plaats van als een aanhangsel ergens achterin, stond ‘Duurzaam groeien’ al in hoofdstuk III in de titel. Milieubeleid en economisch beleid geïntegreerd; mooi werk! dacht ik. Verder lezend verbleekte mijn optimisme enigszins. Er is toch nog een gerede kans dat we er met Rutte II niet in slagen om die noodzakelijke stappen richting duurzame ontwikkeling te zetten.

Er gaan al jarenlang stemmen op om het economische beleid en duurzaamheidsbeleid te integreren. Te lang kwam milieubeleid neer op symptoombestrijding van de kwalijke gevolgen van economische vooruitgang. In de economische paragraaf werd altijd ingezet op groei, die grotendeels niet-duurzaam was. De negatieve effecten van die groei - de lucht-, water- en bodemvervuiling, internationale milieuproblemen als klimaatverandering, ruimtebeslag en landschapsverrommeling - werden dan in een milieu- en natuurparagraaf gedeeltelijk rechtgezet.

In die paragraaf werden maatregelen voorgesteld om luchtvervuiling binnen de perken te houden, de energievoorziening te verduurzamen, klimaatdoelen te halen en natuur te beschermen. Terwijl de groeidoelstellingen nauwelijks veranderden met de kleur van de coalitie, hing de ambitie van de milieu- en natuurmaatregelen er juist vooral vanaf hoe groen de coalitie wilde zijn. De kosten van de maatregelen werden ofwel door de overheid gedragen, in de vorm van subsidies, ofwel op de vervuiler
afgewenteld, die ze waar hij kon weer doorberekende aan zijn afnemers.

Als er meer groei was en daarmee meer milieu- en natuureffecten, werd milieubehoud automatisch kostbaarder. Dat leidde tot het imago van milieubeleid als dure, linkse hobby in plaats van een noodzakelijke voorwaarde voor economische voorspoed en een gezonde bevolking. De groei als zodanig werd in regeerakkoorden niet aan de kaak gesteld. Selectieve of alternatieve groei staat wel in beginselprogramma’s, bijvoorbeeld dat van de PvdA uit 1977, maar haalde nooit het regeerakkoord. Het regeerakkoord van Rutte II is het eerste dat erkent dat groei anders kan en anders moet.

Lees het hele artikel in de PDF.