Het ideaal van Theo Thijssen raakt steeds verder uit zicht

Marjolein Moorman - Geld is het probleem niet. De gemeente Amsterdam pompt nog steeds miljoenen in het onderwijs. Alleen komen die investeringen vooral ten goede aan excellente leerlingen, niet toevallig vaak kinderen van hoogopgeleide ouders. Ondertussen houdt het college van B&W de ogen gesloten voor de toenemende kansenongelijkheid, want ja: daar zijn de schoolbesturen immers verantwoordelijk voor.

Kort geleden herlas ik De gelukkige klas van Theo Thijssen. Een van de meest ontroerende fragmenten in het boek is als meester Staal een lijst moet maken van de kinderen die in aanmerking komen voor extra les in het Engels of Frans. De keuze valt hem zwaar, omdat hij beseft dat zijn oordeel bepalend is voor de toekomst van zijn leerlingen. Zonder de extra lessen is de weg naar de hbs voor kinderen uit arbeidersgezinnen per definitie afgesloten. En waar zijn collega’s er vaak al per definitie van uitgaan dat de hbs voor de kinderen van de Amsterdamse volksschool toch onhaalbaar is, en extra taalles dus niet nodig vinden, wil Staal/Thijssen het liefst zijn hele klas een kans geven.

Het boek van Thijssen is negentig jaar geleden geschreven. Maar wie de recente rapporten leest van de onderwijsinspectie, de OESO en het Amsterdamse Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS), moet concluderen dat kansenongelijkheid in het onderwijs nog steeds aan de orde van de dag is. Dus ook vandaag de dag vraagt de strijd om gelijke kansen onophoudelijke inzet op nationaal, maar zeker ook op lokaal niveau. De inspecteur-generaal van het onderwijs schrijft daarover: ‘Er is niet één actor die een simpele oplossing in handen heeft. Het vraagt om een gezamenlijke analyse en een gezamenlijke aanpak. Alleen al omdat de oorzaken van de oplopende ongelijkheid niet alleen binnen het onderwijs liggen en kansenongelijkheid ook niet door het onderwijs alleen opgelost kan worden. Daarom zal het samen optrekken met partijen buiten het onderwijsdomein belangrijker worden om elkaars mogelijkheden te kunnen benutten. Denk aan de gemeenten, met hun centrale rol in de maatschappelijke ondersteuning (…) Zulk samenwerken kan nodig zijn bij beleidsontwikkeling, maar soms ook om een individuele leerling de juiste kansen te bieden’ (Inspectie van het Onderwijs, 2016).

Lees de rest van het artikel in de pdf