Sociaal-democratische waarden en Europa

Kees Groenendijk - In een artikel uit 2013 hekelt de Discussiegroep Nijmegen de neo-liberale koers die de PvdA vaart.1 De doelen die de PvdA nastreeft, zijn economisch van aard: terugdringen van het begrotingstekort, op peil houden van de inflatie, verminderen van de staatsschuld.

Kostenreductie als middel en vergroting van inkomens- en vermogensongelijkheid als resultaat, laten het socialistische hart niet sneller kloppen. Meer principiële doelen als rechtvaardigheid en solidariteit mogen alleen gebruikt worden als ze bezuinigingen ondersteunen (mantelzorg en participatie) en worden voor de rest weggezet als principieel geleuter. Tot schade van de PvdA en van de maatschappij. Wie geen waarden heeft, verliest al snel de eigen koers en meestal ook de verkiezingen. Halfhartigheid wordt niet gewaardeerd. Ook in de aanloop naar de Europese verkiezingen was die aarzeling om stelling te nemen, merkbaar. Van de prominenten sprak alleen minister Frans Timmermans zich zonder voorbehoud uit voor Europa. De helderheid van Pechtold werd beloond. Dezelfde groep auteurs vraagt nu een duidelijker opstelling van de PvdA voor Europa. We pleiten voor duidelijke keuzes, op grond van heldere sleutelbegrippen en waarden. Wij willen socialistisch enthousiasme, ook voor Europa.

Internationale solidariteit tegen nationalisme

Solidariteit betekent oog voor mensen in zwakke posities en bereidheid om welvaart en macht met hen te delen, niet alleen met familie, buren of collega’s, maar ook met onbekende mensen ver weg. Solidariteit is niet alleen liefdadigheid, maar ook een eigenbelang omdat het extreme ongelijkheid en uitbuiting tegengaat en stabiliteit in de samenleving bevordert. Nationalisme benadrukt verschillen tussen mensen in plaats van hun vele overeenkomsten, stelt eigen belang voorop en leidt vaak tot geweld binnen landen en tot oorlog tussen landen. Behoud van eigen identiteit, eigen taal en gewoonten is heel goed zonder nationalisme mogelijk.

Europese Unie

De sociaal-democratie heeft altijd internationale solidariteit in haar vaandel gehad en mede daarom de nauwe samenwerking tussen staten in Europa na 1945 sterk gesteund. De Europese samenwerking in de tweede helft van de vorige eeuw heeft een ongekende periode van vrede, democratie en welvaart in Europa gebracht. De ellende in Europa van de drie grote oorlogen tussen Duitsland en Frankrijk wordt in Nederland vaak onderschat omdat Nederland alleen de laatste van die drie (1940-1945) aan den lijve heeft ondervonden. De magneetwerking van de EEG/EU heeft sterk bijgedragen aan het einde van dictaturen en de overgang naar democratie in Zuid-Europa Griekenland, Spanje en Portugal in de jaren zeventig en tachtig, en in Midden- en Oost-Europa in de jaren negentig. De gemeenschappelijke markt en het vrije verkeer brachten een grote welvaartstijging voor de hele bevolking. De EU is de grootste markt van het Westen en een uniek samenwerkingsproject tussen staten. Nederland alleen is economisch en politiek geen reële onderhandelingspartner voor de VS, China of India. Juist als kleine lidstaat heeft Nederland relatief veel invloed in de organen van de EU. Zonder EU is Nederland in feite afhankelijk van de politieke grillen van Berlijn, Londen en Parijs.

De PvdA moet, juist nu de stemming zich tegen Europa lijkt te keren, de wezenlijke betekenis en de grote voordelen van de EU blijven uitdragen en duidelijk maken dat de critici geen alternatief bieden. Op de recente lijstjes van de Nederlandse en Britse regering met onderwerpen waarop de EU bevoegdheden zou moeten ‘teruggeven’ aan de lidstaten staat een beperkt aantal, veelal marginale onderwerpen. Dat maakt duidelijk dat zij de meeste Europese regelgeving als noodzakelijk en voordelig zien. De PvdA moet pleiten voor het gerichte gebruik van de grote Europese fondsen voor het bestrijden van de (jeugd)werkloosheid, voor een Europese aanpak van belastingontduiking en -ontwijking en tegen verdere privatisering van nutsvoorzieningen.

Beperking van machtsverschillen tussen mensen en staten

Ontwikkelingssamenwerking wordt door sociaal-democraten al decennia gesteund als een uiting van internationale solidariteit. Ontwikkeling begint bij de bestrijding van armoede, ziekten en onwetendheid. Deling van welvaart bevordert de economische en politieke onafhankelijkheid van de betrokken landen. Het draagt ook bij aan de versterking van de democratie en de rechtsorde in de betrokken landen. Van primair belang is de opbouw van een eigen productie-apparaat. Grondstoffen dienen zoveel mogelijk in de landen van herkomst te worden verwerkt. Het slechten van handelsbarrières moet de export van halffabrikaten en eindproducten mogelijk maken en bedrijven in staat stellen om te concurreren met het West-Europese bedrijfsleven.

Een wezenlijk kenmerk van de Europese samenwerking is dat er internationale rechters en andere organen zijn die naleving van de afgesproken regels kunnen afdwingen, ook als die regels ons een keer niet goed uitkomen. Zij dragen bij aan de verkleining van machtsverschillen tussen staten. Daardoor is de discussie tussen Europese staten niet langer alleen gebaseerd op politieke, economische of militaire macht. Die scheidrechters moeten niet worden uitgefloten maar gesteund. Dat geldt vooral voor de beide Europese Hoven, maar ook voor de Europese Commissie. Het Europese Verdrag en het Hof voor de Rechten van de Mens heeft wezenlijk bijgedragen aan de bescherming van minderheden en zwakke groepen, van onwettige kinderen, vrouwen en vluchtelingen tot Roma. Zij bieden garanties voor een minimum aan beschaving in de omgang tussen overheden en mensen. Het Hof vormt een platform voor discussie over wat die Europese beschaving in concrete gevallen betekent en biedt organisaties, die vreedzaam strijden voor emancipatie, een handvat om het nationale debat open te breken.

Internationale deling van welvaart

Nederland is door zijn ligging in Europa, zijn welvaart en kennis, de religieuze diversiteit en de relatieve toleratie al eeuwen een bestemmingsland voor migranten. Ons land heeft veel van de kennis, contacten en de arbeidskracht van migranten geprofiteerd. Immigratie is en blijft een vast verschijnsel in onze samenleving. Immigratie leidt tot veranderingen in de samenleving, maar vormt geen bedreiging voor de eigen identiteit. Diversiteit was daarvan immers altijd al een onderdeel. De laatste jaren vormen burgers van andere lidstaten en Nederlanders die van elders terugkeren, meer dan de helft van alle immigranten. Uitbuiting van minder vaardige immigranten en (oneerlijke) concurrentie met mensen op de onderkant van de arbeids- en de woningmarkt liggen steeds op de loer. De oplossing ligt niet in stopzetten van de immigratie of uitsluiting van buitenlandse werknemers uit de sociale zekerheid. Als er onbeantwoorde vraag naar arbeid is, leidt dat immers tot meer illegale of zwarte arbeid. De oplossing van het dilemma ligt in gelijke behandeling van immigranten en versterking van de vaardigheden en de toegang tot banen en onderwijs van werknemers die al in Nederland zijn. Dat is in de jaren zestig en en zeventig ook steeds het beleid van de PvdA en de vakbonden geweest. Voor de werknemers uit andere EU lidstaten die op basis van het vrije verkeer naar Nederland komen, liggen die punten vast in de EU-regels, ook ter versterking van hun integratie.

Voor de toelating en positie van de vier belangrijkste groepen immigranten (arbeidsmigranten, gezinsmigranten, studenten en vluchtelingen) zijn er nu Europese regels. Toch is er met name wat betreft de toelating van arbeidsmigranten van buiten de EU en voor vluchtelingen (asielprocedure) nog ruimte voor eigen nationaal beleid. De meeste EU regels laten wel ruimte om op bepaalde punten ruimhartiger te zijn, maar niet om strenger te zijn.

Migratie en integratie van immigranten

Voor integratie van immigranten zijn zekerheid over het recht om hier te mogen blijven, kennis van de landstaal, arbeid en opleiding belangrijke voorwaarden. De laatste jaren is in Nederland de klok op al deze punten teruggedraaid. De overheid betaalt de cursussen Nederlandse taal alleen nog voor vluchtelingen. De invoering van formele taal- en inburgeringsexamens heeft geleid tot een halvering van de aantallen naturalisaties (vanaf 2003) en permanente verblijfsvergunningen (vanaf 2010). Begin 2014 is een wetsontwerp ingediend dat voorstelt de termijn waarna men Nederlander kan worden, die sinds 1892 vijf jaar is, naar zeven jaar te verlengen. Voor migranten van buiten de EU wordt het steeds moeilijker om verblijfszekerheid te verkregen. Gelijke toegang tot arbeid, tot politieke rechten en financiële steun bij het beginnen van een bedrijf of het kopen van een huis worden zo uitgesteld. Dat helpt niet bij de integratie in Nederland. Eind 2013 is een wet aangenomen die de mogelijkheden voor werknemers van buiten de EU om een andere werkgever te zoeken en zo hun positie te verbeteren, ingrijpend beperkt. Sinds 1979 waren legale buitenlandse werknemers na drie jaar vrij een andere baan aan te nemen. Die termijn werd destijds op inititatief van de PvdA van vijf jaar naar drie jaar verminderd. Nu wordt die termijn weer naar vijf jaar verlengd ‘om de tijdelijkheid te bevorderen en meer aan te sluiten bij de Vreemdelingenwet’ onder verantwoordelijkheid van een PvdA-minister. Aan de negatieve effecten voor integratie werd in het voorstel geen enkele aandacht besteed.

Heeft dit nog iets te maken met een duidelijke en enthousiaste keuze voor Europa?

Natuurlijk wel. Sociaal-democraten zetten zich in voor gelijke behandeling van alle werknemers, dus ook van buitenlandse werknemers om uitbuiting en oneerlijke concurrentie tegen te gaan en om hun integratie in Nederland te stimuleren. Het verkrijgen van een sterkere positie moet worden gesteund, niet bemoeilijkt. Dat geldt voor de eerste generatie immigranten, maar zeker ook voor hun kinderen. In Nederland geboren kinderen van lang in Nederland gevestigde niet-Nederlanders dienen, net zoals in Duitsland en Engeland, bij geboorte de Nederlandse nationaliteit te krijgen Dit stond in het PvdA verkiezingsprogramma 2006. Nu blijven die kinderen meestal een groot deel van hun jeugd ‘vreemdeling’ met alle negatieve gevolgen voor hun integratie. Dat de PvdA niet meer duidelijk strijdt voor deze zaken, toont de gevolgen van het afschudden van de ideologische veren en loslaten van de eigen principes. We pleiten voor een duidelijke en enthousiaste stellingname voor Europa en de waarden die met die keuze samenhangen. We willen stap voor stap verder op de weg van internationale solidariteit, beperking van machtsverschillen, gelijkheid en rechtszekerheid voor allen.

Bibliografie

1 Lout Bots, Freek Derks, Kees Groenendijk, Herman Hofman, Herman van Soest, Willem Wanrooij en Jan Willem Wesseldijk, Sociaal-democratische waarden. Principieel geleuter of toch niet? S&D Wiardi Beckman Stichting