Voortschrijdend strategisch inzicht

Chris Peeters - Onlangs schreef Caroline de Gruyter een amusante amusante NRC column over het gebrekkige Europese strategische inzicht van de regering. Die dacht dat Dijsselbloem’s slip-of-the-tongue over Junckers drankgebruik een belemmering was voor zijn benoeming tot Eurocommissaris. Allerminst! Juncker schatte in dat Dijsselbloem’s eeuwig opgeheven vingertje hem ongeschikt maakt om begrotingsdiscipline af te dwingen. ‘Daar heb je hem weer’ zouden regeringen denken. Juist Moscovici vindt hij geschikt, omdat landen naast strengheid ook begrip van hem verwachten. ‘It takes a thief to catch a thief’!

Maar Dijsselbloem heeft snel geleerd. Hij wil volgend jaar heel graag doorgaan als voorzitter van de Europese ministers van financiën. Hij snapt dat hij dan meer moet bieden dan een opgeheven vinger. Dus lift hij mee met het plan van Juncker om in drie jaar 300 mld euro uit te trekken voor extra investeringen, om de werkloosheid in Europa omlaag te brengen. Uiteraard binnen Dijsselbloemse kaders. Geniet van deze zin voor fijnproevers uit een interview met persbureau Reuters: 'He said governments that embark on reforms that bring back trust in the economy, make it more competitive, attract investors, and raise the level of research and development and the quality of the workforce should be rewarded with more wiggle room to meet budget deficit targets. They should also be given access to cheaper funds for investment, for example from the European Investment Bank, for concrete projects that would help economic recovery.' Ofwel, landen die al alles doen om hun economie te moderniseren mogen meer schulden maken en krijgen extra investeringskredieten.

Twee opmerkingen daarbij. Het lijkt niet verstandig om voorwaarden aan landen te verbinden aan het beschikbaar stellen van investeringskredieten. Gegeven de hoge werkloosheid en de dreigende recessie is elk investeringsproject dat economisch herstel bevordert meer dan welkom. Het is beter om goede voorwaarden aan de projecten te stellen. In Griekenland lopen al heel wat met Europees geld aangelegde wegen van niks naar nergens. Portugal heeft verhoudingsgewijs meer autowegen dan Engeland. En in Spanje rijden veel hogesnelheidstreinen met weinig passagiers. Zo moet het niet.

Het zal nog niet zo eenvoudig zijn om voor 300 miljard euro zinvolle projecten te vinden. Tip: in grote delen van Oost-Europa springt de verwarming automatisch op 37 graden als de winter begint. Een draaglijke temperatuur bereik je door ramen open te zetten. Als Europa nu eens fors investeert in modernisering van die verwarming scheppen we veel werkgelegenheid, beperken we de CO2-uitstoot en worden we minder afhankelijk van Poetin.

Ten tweede: die investeringen moeten overal leiden tot een meer concurrerende economie. Noch Juncker noch Dijsselbloem besteden aandacht aan de vraag wie de afnemers zijn van al die steeds concurrerende bedrijven. Als de banken kritiek krijgen dat ze te weinig krediet verlenen aan het midden- en kleinbedrijf reageren ze dat er te weinig vraag naar krediet is vanwege onvoldoende afzetvooruitzichten. Heleen Mees citeert in de NRC een rapport van Deloitte dat grote bedrijven momenteel 1000 mld in kas hebben om te investeren. Maar ze doen er weinig mee, door gebrek aan afzetmogelijkheden. Martin Wolf constateert in de FT terecht dat de Duitse export-gerichtheid niet op Europese schaal herhaald kan worden. De wereld zal al die producten simpelweg niet afnemen. Met een groeivertraging in China, een recessie in Brazilië en toenemende armoede in de VS is ook niet duidelijk waar die vraag bestaat.

Europa zal dus intern extra vraag moeten scheppen, als aanvulling op noodzakelijke hervormingen. Daar is ook alle aanleiding voor. Er komen steeds meer rapporten over mensen die zelfs met een voltijdbaan in armoede leven. En dan niet alleen in Zuid-Europa, maar ook in Engeland en Duitsland. Het is hoog tijd voor flinke loonstijgingen, vooral aan de onderkant van het loongebouw. En graag helderheid: niet ‘de kosten van arbeid moeten omlaag’. Dan kunnen de voordelen ook bij de werkgevers terechtkomen. En die hebben geld genoeg, zoals we eerder zagen. De lonen moeten omhoog! Als daar geen aandacht voor is zullen die 300 mld ongebruikt op de plank blijven liggen.