De helende werking van de Franse slag

Eveline Schwarz - Eén keer per jaar, middenin de zomervakantie, pak ik mijn koffers en vertrek, tuffend over een overvolle snelweg, naar het zonnige zuiden van Frankrijk. Het is altijd heet, het asfalt blijft kleven aan je slippers, de oevers van de rivier staan een verkoelende duik niet toe en er is meestal geen bakker te bekennen in dat heuvelachtige boerenland.

Schoolvoorbeeld Franse slag voor mij; de manier van organiseren op het Franse platteland faalt regelmatig te voorzien in primaire behoeften, zoals eten en de nodige verkoeling. Toch kan ik de verleiding niet weerstaan, want aan openlijke uiting van deze gemakzucht zit ook een groot voordeel. Veelal monden deze situaties namelijk uit in een verplicht nietsdoen; de ultieme onthaasting.

In Nederland draait, zeker de laatste tijd, gestuurd vanuit de nationale politiek in Den Haag, die zich een weg door de crisis baant, alles om efficiënt en goedkoop handelen. Zorg, energie, de overheid, alles wordt door regelgeving steeds efficiënter en goedkoper georganiseerd. Hoewel ook Frankrijk zich een weg door de crisis baant, is er in het Zuiden van de Dordogne geen enkele vorm van efficiëntie te herkennen.

Met dat typisch Hollandse en tevens stadse ‘wil alles zien, dus het moet zo snel, goedkoop en efficiënt mogelijk’, kom ik meestal aan in Frankrijk. De eerste paar dagen storm ik van hot naar her om in een zo kort mogelijk tijdsbestek zo veel mogelijk kastelen te bezoeken en sportieve activiteiten te ondernemen. Zonder succes natuurlijk… Alles is ‘s middags van 12 tot 3 gesloten, waardoor het niet mogelijk is ergens binnen te komen, en op zondag en maandag sta je bij de meeste cultuur- en sportactiviteiten in Frankrijk sowieso voor een dichte deur.

Zoals gewoonlijk begon, na wederom een weinig succesvolle ochtend, de dubbele beleving van de relaxte en onverschillige houding van de Fransen langzaam te dagen. Want als afgestudeerd antropoloog ga ik toch altijd opzoek naar het patroon van een samenleving onder de oppervlak, dat de, op het oog, meest onlogische gebruiken kan verklaren. De ochtend begon op het moment dat ik de lokale markt van het dichtstbijzijnde stadje wilde bezoeken. De markt was zonder verdere opgaaf van redenen afgelast. Vervolgens kwam ik erachter dat de weg naar de supermarkt onbegaanbaar was geworden door regenval en dat men het niet nodig vond een omleiding aan te geven.

De rest van de dag heb ik met mijn pootjes in het zwembad gehangen. Zo verplichten de Fransen je tot het doen van niks en dat beviel prima. Het snelle drukke leven gleed van me af, van mijn hoofd door mijn lichaam zo het zwembad in. Het amateuristische karakter van dit boerengat voorziet moeiteloos in de nodige ontspanning voor de boeren. Eureka! Niks Franse slag, heus zijn ze er hier bewust mee bezig. Een manier van werken die iedereen makkelijk kan volgen, genoeg tijd om bij te kletsen met je buren, je huis en je tuin te onderhouden en niet onbelangrijk uitgebreid van je eten te genieten. Dat moet een hoop houvast en zekerheid geven. Die Fransen hier op het platteland proberen mij iets duidelijk te maken: stop het gehaast en getier, terug naar de menselijke maat begint hier!

Hoewel ik als ‘stadsmens; opgezogen door moderne tendensen, deze manier van leven heb afgezworen, wordt mijn verlangen naar simpliciteit door de Franse boeren ieder jaar opnieuw aangewakkerd. En ik ben er van overtuigd dat een stil verlangen naar simpliciteit en onthaasting in ieder mens uit de stad schuilt. De manier waarop de documentaire ‘Paul dans sa vie’ ontvangen is in zowel Nederland als Frankrijk bewijst dit. Heerlijk lijkt men het, om zoals Paul, ‘kalm en volgens het ritme van de seizoenen te leven’. Even leven als een Franse boer zou daarom mijns inziens wonderen kunnen doen voor de stedelijke meute.

Naarmate de vakantie vorderde kreeg ik de levensstijl van de Franse boeren steeds beter onder de knie. Gewoon lekker niks. Tot het moment dat wij besloten met zijn achten te gaan kanoën op de Dordogne. Om kwart voor twee aanwezig, om twee uur vertrek, vertelde de française van de camping ons. Daar stonden we met onze Nederlandse punctuele naïviteit. Kennelijk moest ook de fransoos, die na een picknick, twee minuten van te voren zich aanmeldde de kans krijgen. En jawel alle kano’s moesten daarna nog op de aanhanger van de busjes geplaatst worden. Dit duurde me te lang en ik verlangde toch stiekem weer naar de snelheid en efficiëntie van de stad.

Het verschil tussen het Franse platteland en de Nederlandse stedelijkheid, die overigens in andere delen van Frankrijk, zoals Parijs tevens aanwezig is, moet mijns inziens gevierd en gebruikt worden. Ik raad iedereen twee weken Franse slag aan; twee weken volledige onderdompeling in de culturele gebruiken van de Franse boeren, om het stille verlangen naar kalmte te sussen. Persoonlijk kies ik voor de rest van het jaar echter liever voor het stadse gareel.