Marijke Linthorst - Vrijdag 20 januari jl. was ik op een symposium van het Nationaal Zorgfonds. Ik heb veel waardering voor dit initiatief. Iedereen wordt van harte uitgenodigd mee te denken en er is brede steun, zo bleek ook vrijdag: er was een divers gezelschap. Ter voorbereiding van de bijeenkomst was een notitie rondgestuurd: Bouwstenen. Het bevat een aantal voorstellen waarmee op een termijn van vier jaar tot een Zorgfonds zou kunnen worden gekomen. Juist omdat ik het initiatief waardeer zou ik de ‘trekkers’ van het Nationaal Zorgfonds een paar tips willen meegeven.

1. Ga bij veranderingen uit van de inhoud en niet van de structuur.
De initiatiefnemers van het Zorgfonds zien samenwerking, en niet concurrentie, als weg naar meer kwaliteit en minder kosten. Ik ben het daar van harte mee eens. Om deze samenwerking te realiseren bepleiten zij het afschaffen van de zorgverzekeraars. In plaats van zorgverzekeraars worden regionale zorgfondsen voorgesteld. Deze worden verantwoordelijk voor een samenhangend en dekkend zorgaanbod per regio. Er wordt een periode van vier jaar uitgetrokken om dit te realiseren, waarbij begonnen wordt met het voorbereiden van wetgeving. Dat lijkt me een gemiste kans. Wetgeving is een langdurig proces en ik zou mij goed kunnen voorstellen dat het in dit geval (het afschaffen van de zorgverzekeraars) weleens héél lang zou kunnen gaan duren. Niet alle zorgverzekeraars zullen zich zonder slag of stoot laten opheffen.

Als het doel een samenhangend regionaal zorgaanbod is, waarom dan niet daar begonnen? In mijn blog van 19 december 2016 heb ik een pleidooi gehouden om de inkooprol van zorgverzekeraars te regionaliseren. In iedere regio neemt één zorgverzekeraar het voortouw bij de onderhandelingen met zorgaanbieders, de andere zorgverzekeraars volgen de gemaakte afspraken. Zo’n aanpak heeft het grote voordeel dat je niet hoeft te wachten op wetgeving. Bovendien voorkom je schadeclaims van zorgverzekeraars en juridisch getouwtrek over de opgebouwde buffers.

2. Pak niet alles tegelijk aan.
In de ‘Bouwstenen’ wordt voorgesteld de regionale zorgfondsen vorm te geven als stichtingen, waarvan alle zorgaanbieders, patiëntenverenigingen en gemeenten lid zijn. Ik vermoed dat gemeenten hier zijn opgenomen omdat zij verantwoordelijk zijn voor de voorkant en de achterkant van het cure-proces: preventie en (een deel van de) langdurige zorg. Inhoudelijk is het juist en logisch om preventie en langdurige zorg te zien als onderdeel van de zorgketen. Naarmate de preventie beter is wordt minder beroep gedaan op de gezondheidszorg. Hetzelfde geldt voor de langdurige zorg. Toch zou ik de betrokkenen bij het Nationaal Zorgfonds willen adviseren deze zorgsectoren voorlopig buiten het plan te houden. Als we iets zouden moeten leren van de stelselwijzigingen van de afgelopen jaren is het dat je ingrijpende veranderingen nooit in één keer, zonder proefproject, moet doorvoeren. De decentralisatie van jeugdzorg naar de gemeenten bijvoorbeeld was een goed idee. Maar geef gemeenten dan ook de tijd (en middelen) om dat goed voor te bereiden. Hetzelfde geldt voor de regionalisering van de gezondheidszorg. Regionalisering van de cure is al ingewikkeld genoeg. Laat dat eerst uitkristalliseren alvorens er care en preventie aan toe te voegen.

3. Ga in gesprek met de zorgverzekeraars.
Het heeft even geduurd, maar inmiddels hebben de zorgverzekeraars enige kennis opgebouwd. Daar kun je gebruik van maken. Bovendien zijn ook de zorgverzekeraars zich bewust van de maatschappelijke onvrede en proberen zij daar soms aan tegemoet te komen.

Na anderhalf jaar onderzoek kom ik langzamerhand tot de conclusie dat niet de zorgverzekeraars ‘het kwaad’ zijn, maar de manier waarop zij door het kabinetsbeleid gepositioneerd zijn. De setting (de plicht tot concurrentie) is bepalend. Geef zorgverzekeraars de kans om in een context van samenwerking ‘te laten zien wat ze waard zijn’. Er moet worden afgewacht of het afdoende is om de oude spelers in een nieuwe setting plaatsen of dat het toch nodig is om nieuwe spelers (regionaal zorgfonds) te zoeken. Maar mij lijkt het de moeite waard om uit te proberen of zorgverzekeraars die rol kunnen en willen oppakken. Als dat niet het geval blijkt kun je altijd nog overgaan tot wetgeving om de zorgverzekeraars af te schaffen.

> Lees alle blogs van Marijke Linthorst