Debat: Goede flex, foute flex

De arbeidsmarkt lijkt steeds flexibeler te moeten worden om "concurrentiekracht" te behouden. Als gevolg hiervan lijkt een gelukkige groep ZZP'ers te zijn ontstaan, die hun eigen werk vrij kunnen inplannen. Aan de andere kant is het gevolg van flexibele arbeid dat een steeds groter gedeelte van de beroepsbevolking deel uitmaakt van een onzekere "flexibele schil". Wat betekent de flexibiliseringsdrang voor de bestaanszekerheid van werkenden? Kan worden gesproken over goede en foute flex? En hoe valt deze foute flex te vermijden?

Wij nodigen u van harte uit om uw visie op flexwerk met ons te delen. Paul de Beer, Klara Boonstra, Will Tinnemans en Hans Spekman gingen u voor in de discussie. Zij lijken het er grotendeels over eens dat het nodige dient te worden verbeterd aan flexibele contracten, aangezien onzekerheid op de werkvloer grote impact heeft op de bestaans(on)zekerheid. En deze onzekerheid kan weer desastreus zijn voor de eigenwaarde van mensen. Debateer mee!

Lees alle artikelen
Paul de Beer
Moderne bestaanszekerheid
Bestaans(on)zekerheid: de cijfers
Klara Boonstra
Flexibel waar het kan, zeker waar het moet
Will Tinnemans
Flexibel werk als vermomming voor uitbuiting
Hans Spekman
Over een heftruckchauffeur