In Nederland, maar ook elders, is in de gezondheidszorg een ontwikkeling gaande om routine-behandelingen te verplaatsen van ‘dure’ ziekenhuizen naar gespecialiseerde klinieken of dagcentra. De gedachte achter deze ontwikkeling is dat gespecialiseerde instellingen zowel goedkoper als kwalitatief beter zijn. Goedkoper omdat ze geen dure overhead hebben in de vorm van apparaten als ct-scans. Kwalitatief beter omdat zij zich uitsluitend richten op één onderdeel van het menselijk lichaam en daarin door de voortdurende herhaling steeds meer ervaring en expertise opbouwen.

Voor deze redenering valt veel te zeggen, maar er doet zich een aantal problemen voor. De meeste Zelfstandige Behandelcentra (ZBC) zijn normaal gesproken alleen door de weeks op kantoortijden geopend. Een belangrijke factor voor de scherpe prijs die deze centra kunnen berekenen: artsen en verpleegkundigen in ZBC’s draaien geen avond-, weekend- en nachtdiensten. Het betekent wel dat patiënten die zich in een staarkliniek laten opereren daar niet terecht kunnen als zich ’s avonds of in het weekend complicaties voordoen. En ook overdag zullen sommige complicaties door de ZBC’s, juist omdat ze een beperkte focus hebben, niet kunnen worden opgelost. In die gevallen moet de patiënt zich voor behandeling melden bij een regulier ziekenhuis.

Een hiermee samenhangend probleem wordt gevormd door de bedrijfseconomische gevolgen van deze ontwikkeling. Ieder ziekenhuis, en iedere afdeling binnen een ziekenhuis, heeft behandelingen waar het op toelegt en verrichtingen waar aan verdiend wordt. Er vindt als het ware interne subsidiëring plaats. Als ‘dure’ ziekenhuizen de lucratieve, eenvoudige staaroperaties kwijtraken, maar hun afdeling oogheelkunde open moeten houden voor de ingewikkelder aandoeningen en complicaties hebben zij een financieel probleem. Dat probleem ontstaat niet omdat reguliere ziekenhuizen niet concurrerend genoeg zijn, maar omdat er verschillende ‘producten’ worden aangeboden: eenvoudige staaroperaties tegenover staaroperaties met adequate nazorg, ook buiten kantooruren. Om eerlijke concurrentie mogelijk te maken zouden de reguliere ziekenhuizen op zijn minst gecompenseerd moeten worden voor de klappen die zij voor de staar (en andere) klinieken opvangen.

Daarmee zouden we opnieuw een ‘correctiemechanisme’ creëren om ongewenste neveneffecten van marktwerking in de zorg tegen te gaan. Zoals dat bijvoorbeeld ook gebeurt met het compenseren van zorgverzekeraars als zij veel oudere en chronisch zieke verzekerden hebben. We kunnen de ontwikkelingen natuurlijk ook vanuit een principiële invalshoek benaderen. Als besparingen in de gezondheidszorg mogelijk zijn, aan wie komen de voordelen dan ten goede? In de manier waarop de gezondheidszorg nu georganiseerd is, zijn dat de Zelfstandige Behandelcentra. Hun winst is gedeeltelijk gebaseerd op het gegeven dat collectief gefinancierde ziekenhuizen inspringen als het mis gaat. Particuliere bedrijven hebben de lusten, de maatschappij draagt de lasten.

Besparingen in de gezondheidszorg zouden naar mijn oordeel ten goede moeten komen aan de samenleving als geheel. Hetzij door de besparingen in te zetten voor verdere verbetering van de gezondheidszorg, hetzij door het verlagen van de uitgaven voor de gezondheidszorg. Dat vraagt niet om concurrentie, maar om samenwerking en regie. ZBC’s zouden samenwerkingsverbanden kunnen aangaan met reguliere ziekenhuizen. De ziekenhuizen vormen een ‘achtervang’, in ruil draaien artsen en verpleegkundigen van de ZBC’s diensten mee in het ziekenhuis. Daar zou iedereen beter van kunnen worden. Er zijn een paar pilots geweest op dit terrein, maar die zijn op niets uitgelopen. Een andere mogelijkheid is dat ziekenhuizen de zelfstandige behandelcentra zelf in huis halen (of de werkwijze van deze centra toepassen op de ‘routineverrichtingen’). Op die manier komt het ‘verdienmodel’ van de ZBC’s ten goede aan de collectieve gezondheidszorg.

In de Nederlandse gezondheidszorg geldt gereguleerde marktwerking. De gezondheidszorg zou gebaat zijn bij iets meer regulering en iets minder marktwerking op dit punt.

Lees hier alle onderzoek zorg blogs