Wat betreft zorg staan in het regeerakkoord veel voornemens maar het blijft vaag hoe deze precies worden uitgewerkt. Duidelijk is wel dat er nog meer verantwoordelijkheden op de bordjes van gemeenten komen. Dat riekt naar over de schutting kieperen. En de vraag is of gemeenten dit aankunnen.

Laten we beginnen met de goede punten. Gunstig is dat de eigen bijdrage voor medicijnen wordt gemaximeerd tot 250 euro. Er komt extra geld voor onafhankelijke cliëntenondersteuning en de inspraak van verzekerden, cliënten en patiënten op het beleid van hun zorgverzekeraar of zorgaanbieder wordt wettelijk vastgesteld. Lea Bouwmeester, oud woordvoerder zorg van de PvdA, heeft zich daar altijd hard voor gemaakt.

Ook wordt een flink bedrag gereserveerd voor het stroomlijnen van de Wmo. Het Gemeentefonds ontvangt in de komende kabinetsperiode 145 miljoen euro om vereenvoudiging van de regels en verlaging van de kosten te realiseren. Dat is mooi.

En heel goed is dat de regering voornemens is de winstuitkering door verzekeraars aan banden te leggen; een uitwerking van een initiatiefwetsvoorstel van PvdA, SP en CDA.

Positief is ook dat de nieuwe coalitie aan de slag gaat met beschermd wonen voor mensen met een psychiatrische en sociaal-maatschappelijke problematiek.

Dan punten die gunstig lijken maar waar je wel vraagtekens bij kan zetten. Er wordt 2 miljard extra voor de intramurale ouderenzorg uitgetrokken. In ruil hiervoor moeten de verpleeghuisorganisaties voldoen aan vastgestelde normen voor goede zorg zoals voldoende geschoolde medewerkers en moeten ze ‘kleinschalig, vraaggericht, innovatief, met minder regels en meer vertrouwen in de zorgprofessionals gaan werken’. Dat moet aantoonbaar leiden tot kwaliteitsverbetering. Prachtig, maar er wordt in het regeerakkoord niet duidelijk hoe het nijpende tekort van goed geschoold personeel wordt aangepakt en hoe de torenhoge werkdruk onder verpleegkundigen en verzorgenden, waarover de V&VN recent berichtte, wordt aangepakt.

En de meeste ouderen wonen thuis. De regering wil 1,9 miljard bezuinigen op onder andere wijkverpleging en huisartsenzorg. Als je wilt dat mensen thuis kunnen blijven wonen en meedoen aan de samenleving dan moet je niet 100 miljoen bezuinigen op de wijkverpleging en nog eens 100 miljoen op de ggz. Dat is, op zijn zachtst gezegd, dom. Het CPB, dat de plannen doorrekende, constateert dat lagere zorguitgaven leiden tot ‘minder zorg of zorg van slechtere kwaliteit’. Overigens gaan de uitgaven aan zorg niet daadwerkelijk omlaag, maar stijgen ze minder snel. En over thuiszorg wordt letterlijk met geen woord gesproken in het regeerakkoord.

Er komt een abonnementstarief voor Wmo-voorzieningen, maar hoe is nog onduidelijk. Dat is met name gunstig voor mensen met een hoog inkomen. Zij krijgen een veel lagere eigen bijdrage Wmo, terwijl mensen met de laagste inkomens en chronisch zieken een eigen risico houden van 385 euro en de zorgverzekeringspremie omhooggaat. Onduidelijk is of de zorgtoeslagen ook omhooggaan. Waar ligt de rekening? Wel kunnen gemeenten het Wmo-tarief verlagen en/of mensen met een laag inkomen compenseren. Maar dit zal dan wel door gemeenten zelf opgehoest moeten worden.

Gunstig is dat de besparing van 188 miljoen euro op de Wlz die al voor de komende jaren was ingeboekt, wordt teruggedraaid. Ook worden de eigen bijdragen in de Wlz verlaagd onder meer door de vermogeninkomensbijtelling te verlagen naar 4%. Vermogensbijtelling afschaffen klinkt sympathiek maar komt ook enkel ten goede aan rijke ouderen. De vraag is hoe dit financieel gedekt is.

De komende regeerperiode gaat er 54 miljoen euro extra naar de jeugdhulp, met name om gesignaleerde knelpunten in de jeugd-ggz aan te pakken. De hoop is dat dat geld ook echt gebruikt kan worden om de toegang tot de jeugd-ggz te verbeteren en niet aan strijkstokken van zorgaanbieders blijft hangen.

Ook het plan om te komen tot een nationaal preventieakkoord in de zorg klinkt goed. Zeker met verdere rookontmoedigingsmaatregelen. Maar 20 miljoen op een begroting van meer dan 70 miljard is verwaarloosbaar. En zeer zorgelijk is dat door de verhoging van het lage btw-tarief goede en gezonde voeding duurder wordt. Ook zullen als gevolg van de verhoging van het lage btw-tarief geneesmiddelen en hulpmiddelen duurder worden. Wordt het dan niet dweilen met de kraan open?

In het regeerakkoord is aandacht voor schuldhulp en armoedebestrijding. Zo vindt het kabinet dat gemeenten de ruimte moeten krijgen om te experimenteren met het aanpakken van schulden en wordt er een maximum ingesteld voor het stapelen van boetes wegens het te laat betalen en bestuursrechtelijke premies. Maar slechts 14 miljoen uittrekken voor betere hulp voor mensen met een licht verstandelijke beperking, daklozen en zwerfjongeren is wel karig.

Ronduit zuur blijft het dat het eigen risico niet naar beneden gaat. Het nieuwe kabinet gaat hoofdlijnenakkoorden afspraken voor de medisch-specialistische zorg, de geestelijke gezondheidszorg, huisartsen- en multidisciplinaire zorg en wijkverpleging voor 2019-2022. Samen moeten die vanaf 2021 jaarlijks 1,9 miljard euro aan besparingen opleveren.

In 2019 gaat het om 460 miljoen euro en in 2020 om 1,2 miljard euro, zo valt te lezen in de regeringsverklaring van het kabinet-Rutte III. Onduidelijk is hoe de onderverdeling over de sectoren is. En het CPB becijfert dat er 20 miljoen uur zorg weg wordt bezuinigd. De vraag is of deze plannen niet penny wise, pound foolish zijn als er minder geld naar de wijkverpleging, huisarts en ggz gaat. De problemen in de zorg zijn veelal sectoroverstijgend. En knelpunten in de ene sector hebben grote gevolgen voor aanpalende sectoren. Het zou beter zijn om sectorbreed hoofdlijnakkoorden te maken.

Deze regering wil ook nog bijna 500 miljoen uit de geneesmiddelen en hulpmiddelen persen. Ook hier is de vraag of er nog veel winst te behalen valt. In de afgelopen periode is hier al fors op ingezet. Wederom, het klinkt mooi maar de vraag is wel hoe dan.

Over medisch ethische hoofdpijndossiers als euthanasie en onderzoek met embryo's is het regeerakkoord vaag. In beide gevallen zegt het regeerakkoord dat er belang aan wordt gehecht en aandacht aan wordt besteed, maar worden geen concrete stappen voorgesteld. D66 wil vooruitgang, ChristenUnie wil restrictie, en ze krijgen het allebei niet. Dat moet niet leiden tot stilstand in de discussie over deze onderwerpen.

En duidelijk is dat er nog meer op de bordjes van gemeenten komt. De vraag is of gemeenten dit aankunnen. De decentrale beweging is goed maar mag niet resulteren in het over de schutting kieperen van verantwoordelijkheden. Maatwerk laten leveren door gemeenten moet gepaard gaan met een reële verwachting van de financiële middelen die hiervoor nodig zijn. Een belangrijk thema voor de komende gemeenteraadsverkiezingen.

> De Wiardi Beckman Stichting vroeg wetenschappers en deskundigen uit haar netwerk om een reactie op het Regeerakkoord. Lees ook de analyses, van onder anderen Flip de Kam, Klara Boonstra, Menno Hurenkamp, Rinda den Besten, Bob Deen en Wim Derksen.