Op zaterdag 12 november jl. sloot de NRC haar onderzoek naar de tarieven in de gezond-heidszorg af. De conclusie kan in één zin worden samengevat: er valt geen peil op te trekken. Minister Schippers reageerde in dezelfde krant op de bevindingen. Zij erkent de grote verschillen en heeft de Nederlandse Zorgautoriteit inmiddels opdracht gegeven tot het stapsgewijs openbaar maken van de tarieven. Daarnaast verwacht ze veel van patiënten die, met het eigen risico als prikkel, duidelijkheid verlangen over wat hen in rekening wordt gebracht. De minister is ervan overtuigd dat het openbaar maken van de tarieven er uiteindelijk toe zal leiden dat deze de kosten van een behandeling weerspiegelen. Het is echter de vraag of dit in de praktijk zo zal werken.

Eén van de verklaringen van de minister voor het verschil in tarieven was de volgende: “De tarieven bij ziekenhuizen zijn vergelijkbaar met die van een groothandel. Als iemand –de verzekeraar in dit geval- veel inkoopt kan hij een lagere prijs bedingen.”(i) Dat is juist. Maar een ziekenhuis zal zijn budget toch moeten rondbreien. Als een ziekenhuis verlies lijdt op een behandeling bij verzekeraar X, dan zal het dat moeten compenseren met een hogere vergoeding voor diezelfde behandeling bij één of meerdere andere verzekeraars. De minister erkent dat ook: “(…) de verzekeraar met weinig patiënten bij een ziekenhuis, die betaalt meer.”(ii) Dat mechanisme zal niet veranderen als de tarieven openbaar zijn. En dat betekent dat de tarieven voor verschillende polishouders binnen één ziekenhuis zullen blijven verschillen. Die zijn immers niet alleen afhankelijk van wat een verrichting kost, maar ook van de vraag hoeveel polishouders van de betreffende verzekeraar patiënt zijn bij het ziekenhuis. Zijn het er veel, dan kan de verzekeraar een korting bedingen, zijn het er weinig dan moet de verzekeraar méér betalen. Het betekent bovendien dat een polishouder van één verzekeraar voor dezelfde ingreep bij verschillende ziekenhuizen nog steeds met uiteenlopende tarieven wordt geconfronteerd. Een verzekeraar die veel patiënten heeft in ziekenhuis A kan weinig patiënten hebben in ziekenhuis B. In ziekenhuis B betaalt hij dus de hoofdprijs. En het betekent tenslotte dat een verzekerde financieel goed af kan zijn bij zijn ziekteverzekering als hij bijvoorbeeld een ooglidcorrectie moet ondergaan, maar de pineut is als hij aan staar geopereerd moet worden.

Bij de keuze voor een energieleverancier gaat het om een identiek product. Dan kan het zinvol zijn om verschillende aanbieders met elkaar te vergelijken. De keuze voor een zorgverzekering is een fundamenteel andere. Op de eerste plaats neem je een pakket af: het is niet mogelijk je voor een knie-operatie te verzekeren bij één verzekeraar en voor een gebroken been bij een andere. Maar het belangrijkste is dat je je verzekert voor de behandeling van aandoeningen waarvan je, met uitzondering van chronisch zieken, nu nog niet weet of je die het komend jaar gaat krijgen. Het vergelijken van zorgverzekeraars is dan meer een kansspel dan een rationeel onderbouwde beslissing.

De minister is blij met patiënten die willen weten wat er in rekening wordt gebracht, ook als de verzekeraar het vergoedt. Ik ben dat met haar eens: het belang van kostenbewustzijn in de gezondheidszorg is te lang onderschat. Maar het openbaar maken van de tarieven met het eigen risico als prikkel is geen geschikt instrument om (toekomstige) patiënten een weloverwogen keuze voor een zorgverzekeraar (en daarmee voor een zorgaanbieder) te laten maken. Dat wil niet zeggen dat er geen probleem is. Verzekerden hebben er recht op om van tevoren te weten voor welke kosten zij kunnen komen te staan. Binnen het huidige stelsel kan dat op twee manieren. Eén mogelijkheid is om voor alle behandelingen vaste prijzen te rekenen, zodat de eigen bijdrage voor iedereen in elk ziekenhuis hetzelfde is. Het is niet realistisch om te verwachten dat dit op korte termijn zal gebeuren. Een tweede mogelijkheid is het loskoppelen van de eigen bijdrage van de inkoopprijs van de zorgverzekeraar. Dat kan wel. Het zou betekenen dat voor specifieke verrichtingen (ambulante behandeling op de polikliniek, opname in het ziekenhuis) een vast bedrag aan eigen risico wordt ingehouden. Dat is door meerdere mensen ook bepleit.(iii) We moeten dan nog wel een rechtvaardige oplossing vinden voor chronisch zieken. Voor hen werkt het eigen risico in ieder geval niet als prikkel om na te denken over de noodzaak van zorg. Zij zijn hun risico altijd kwijt.

(i) NRC zaterdag 12&zondag 13 november 2016, Economie-katern, p. 13
(ii) Ibid.
(iii) Onder andere door Hugo Keuzenkamp in de NRC van 18 oktober 2016, p. 18

Lees hier meer 'Onderzoek zorg' blogs van Marijke Linthorst