Nacht: veilige overkapping
waar de droomtrein te wachten staat
die me naar jou terugbrengt
door een tunnel van slaap
Samen gaan we het pad
naar de zee, blauw
en warm onder de zon
van een voorbije zomer
Maar altijd rijdt de trein
terug naar het lege perron
van een dag zonder jou
Hanny Michaelis [1922 - 2007]
Uit: Water uit de rots [1957], Uitgeverij Van Oorschot
Een prachtige keuze hoor, zo’n gedicht in een stationshal over treinen en perrons en wachten in de nacht. ‘Zelf uitgezocht’, verklaarde toenmalig NS-topman Roger van Boxtel trots over het gedicht van Hanny Michaelis in een interview aan NRC Handelsblad. ‘Dit is een cadeautje aan de reiziger.’ Dat beide ouders van Michaelis uitgerekend met hulp van de spoorwegen aan hun einde kwamen – via Westerbork naar Sobibór – geeft deze keuze wel iets wrang-ironisch.
Wie weleens per spoor reist, heeft het op Utrecht Centraal vast ooit gezien: een metershoog muurgedicht in de hal – vlakbij de gele borden met informatie over vertrekkende en binnenkomende treinen. Dat het gedicht niet over werkelijke treinen gaat, hindert niet – het noopt de reiziger tot beschouwingen over reizen in brede en engere zin.
Wat Michaelis betreft: als ex-vrouw van Gerard Reve – nog na zijn coming-out bleven de twee jarenlang getrouwd en levenslang bevriend – heeft haar poëzie wat in de schaduw van haar biografie gestaan. Dat is niet terecht, want haar bescheiden oeuvre is, hoewel bepaald niet lichtvoetig, ook na zestig, zeventig jaar nog bijzonder goed leesbaar. De schaduw van de holocaust met zich meetorsend, behandelt Michaelis in haar werk thema’s als eenzaamheid en de, vaak falende, zoektocht naar liefde. Wat dat betreft moeten Reve en Michaelis goed bij elkaar gepast hebben.
Bij herlezing blijkt de poëzie van Michaelis niet alleen springlevend, maar ook actueel: Zolang er mensen zijn / blijft er oorlog. / Daar zijn we het over eens / bij de warme kachel behaaglijk / nippend van onze cognac. / Een spotgoedkoop alibi / voor afzijdigheid, inderdaad. / Helaas waterdicht.
Hermen Hoek en Marc van Osch zijn werkzaam als docent Nederlands op de OSG Hugo de Groot in Rotterdam. Met Vrijmipo bezorgen zij poëzie op bijzondere en onvermoede plekken.