Het kabinet heeft met het regeerakkoord ‘vertrouwen in de toekomst’, maar voor het primair onderwijs ligt die toekomst te ver in het verschiet. Het kabinet wil pas vanaf 2021 echt in werkdruk investeren, zo blijkt uit het regeerakkoord. En dat is veel te laat, de nood is nu te hoog.

Niet voor niets staakten begin oktober tienduizenden leraren voor minder werkdruk en meer salaris. Broodnodig voor zittende én toekomstige leraren, want hiermee kunnen we het lerarenberoep een stuk aantrekkelijker maken. En dat is essentieel: het primair onderwijs stevent af op een fors lerarentekort en dat is niet alleen funest voor leerlingen, maar voor de hele maatschappij.

In het regeerakkoord wordt het woord ‘lerarentekort’ geen enkele keer genoemd. Opvallend, maar ook tekenend voor hoe serieus het kabinet de problemen in het onderwijs daadwerkelijk lijkt te nemen. Het kabinet trekt niet de 900 miljoen euro uit die minstens nodig zijn om de salarissen noemenswaardig te verhogen, maar nog niet een derde ervan.

Te lezen valt dat het kabinet ‘stevig investeert’ in het wegwerken van onderwijsachterstanden en dat een van de ‘voornaamste ambities’ is om kansenongelijkheid te bestrijden. Maar daar tegenover staat slechts 15 miljoen euro extra. Een schijntje als je bedenkt dat het budget voor het wegwerken van onderwijsachterstanden de afgelopen jaren met zo’n 140 miljoen euro daalde.

Onafhankelijke onderzoeken wijzen keer op keer uit dat het primair onderwijs te slecht wordt bekostigd voor goed onderwijs. Jaarlijks krijgt de sector 375 miljoen euro te weinig voor vaste lasten zoals het onderhoud aan schoolgebouwen, lesmaterialen en ICT. Ook hierover geen woord in het regeerakkoord. Terwijl de eerste en ernstige gevolgen zich al aandienen: dit voorjaar concludeerde de Inspectie van het Onderwijs dat de kwaliteit van ons onderwijs daalt.

Tel daarbij op de bemoeizucht van het kabinet bij de inhoud van het onderwijs. Zo wil het kabinet dat scholen bij kleuters geen toetsen meer afnemen en vindt het dat alle leerlingen met hun school een bezoek moeten brengen aan het Rijksmuseum. Keuzes bij uitstek die het kabinet hoort over te laten aan de scholen zelf. Rutte III mag dan vertrouwen hebben in de toekomst, vertrouwen in het primair onderwijs heeft het duidelijk niet.

Positief daarentegen, is dat de fusietoets wordt afgeschaft en dat het makkelijker wordt om zieke leraren te vervangen. Welkome maatregelen waar de PO-Raad al jaren voor pleit. Positief is ook dát het kabinet oog heeft voor de grote problemen in onze sector. Maar het probeert die met muizenstapjes op te lossen en dat werkt niet. Onze sector is sterk verwaarloosd en er zijn grote investeringen nodig om het tij te keren.

> De Wiardi Beckman Stichting vroeg wetenschappers en deskundigen uit haar netwerk om een reactie op het Regeerakkoord. Lees ook de analyses, van onder anderen Flip de Kam, Marith Volp, Klara Boonstra, Menno Hurenkamp, Bob Deen en Wim Derksen.

Foto: Katja Mali