In de NRC van het afgelopen weekend stond een ‘twistgesprek’ tussen zorgverzekeraar Ton van Houten en bijzonder hoogleraar Marktordening in de Gezondheidszorg Marco Varkevisser over de budgetpolis. Een budgetpolis is een goedkope ziektekostenverzekering, waarbij de polishouder de keuze uit een beperkt aantal zorgaanbieders heeft. De voorwaarden van de polis leiden er soms toe dat behandelingen niet (helemaal) vergoed worden, waardoor mensen in grote financiële problemen komen.

Volgens Van Houten vormt de budgetpolis een gevaar voor kwetsbare burgers en holt deze de solidariteit uit. Zorgverzekeraars zouden deze polissen niet moeten aanbieden. Varkevisser is er juist van overtuigd dat afschaffing van de budgetpolis een stap in de verkeerde richting zou zijn. 'In de kern komt het er dan op neer dat iedereen verplicht moet meebetalen aan voor hem of haar ondoelmatige, te dure of kwalitatief minder goede zorg.'

Ik had onmiddellijk een ‘Aha-erlebnis’. Exact dezelfde argumentatie werd gebruikt bij de verdediging van het wetsvoorstel om de vrije artsenkeuze te beperken, nu vier jaar geleden. Als zorgverzekeraars geen machtsmiddel zouden krijgen om hun verzekerden financieel te dwingen naar een specifieke zorgaanbieder te gaan dan zouden zij niet kunnen optreden tegen ondoelmatige, te dure of kwalitatief slechte zorg.  Alsof de Nederlandse gezondheidszorg daarvan vergeven is en de zorgverzekeraars de enigen zijn die dit uit kunnen bannen door zorgaanbieders uit te sluiten van een contract.

Nu kan van een bijzonder hoogleraar Marktordening in de Gezondheidszorg misschien niet verwacht worden dat hij vraagtekens plaatst bij de zorg als markt. Maar elders gebeurt dit inmiddels steeds vaker. In de NRC van donderdag 13 december werden drie ziekenhuisbestuurders gevraagd naar hun visie op de ziekenhuiszorg van de toekomst. Eén van hen is Martin van Rijn, voormalig staatssecretaris van VWS en nu bestuurder van de Reinier Haga Groep, met drie ziekenhuizen in Den Haag en Delft. Van Rijn heeft als topambtenaar bij VWS (mede) aan de wieg gestaan van het huidige zorgstelsel. Dit stelsel is gebaseerd op concurrentie als motor voor innovatie en kostenbeheersing. Maar volgens Van Rijn is concurrentie in de zorg achterhaald. In de huidige situatie is samenwerking cruciaal. 'Als we kosten moeten beperken, en dat moet, is het essentieel dat we onderling kunnen afspreken waar het ene ziekenhuis en waar het andere ziekenhuis op inzet.' Ziekenhuizen moeten dus de ruimte krijgen om afspraken met elkaar te maken en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) zou daar soepeler mee om moeten gaan.

In de twaalf jaar dat het zorgstelsel nu functioneert is concurrentie tussen zorgaanbieders (gelukkig) nooit echt van de grond gekomen

Ik ben blij dat Van Rijn erkent dat de zorg geen markt is. Maar op één punt verschil ik met hem van mening. Van Rijn stelt dat er met de introductie van concurrentie in de zorg geen sprake is geweest van een ‘weeffout’, maar dat er een nieuwe fase is aangebroken. Deze conclusie is wat mij betreft te kort door de bocht. In de twaalf jaar dat het zorgstelsel nu functioneert is concurrentie tussen zorgaanbieders (gelukkig) nooit echt van de grond gekomen. Vooral omdat de zorgverleners er weinig tot niets in zagen. Ik denk dat de belangrijkste reden voor Van Rijn om zijn standpunt te herzien is gelegen in het feit dat hij nu een andere positie bekleedt. Als bestuurder van drie ziekenhuizen ervaart hij aan den lijve dat goede zorg afhankelijk is van goede samenwerking tussen zorgaanbieders. Het is een constatering die eigenlijk ook bij het ontwerp van het zorgstelsel meegewogen had moeten worden.

Gedane zaken nemen geen keer, maar we kunnen er wel lessen voor de toekomst uit trekken. Bijvoorbeeld dat ministers en staatssecretarissen die verantwoordelijk zijn voor de zorg, ervaring moeten hebben in de praktijk van de zorg. Te lang is de vormgeving van ons zorgstelsel bepaald op de tekentafel. Eén van de gevolgen is dat er een heel leger aan zorgeconomen, zorgconsultants, marktordeningsdeskundigen en wat al niet meer is opgestaan. Zij hebben tot nu toe een onevenredig grote invloed gehad op het debat over de zorg. Het wordt tijd dat deze discussie weer ter hand genomen wordt door de belanghebbenden: de burgers, de zorgaanbieders en de zorgverleners.

Dit is de laatste blog van 2018. In verband met vakantie verschijnt de eerstvolgende blog op maandag 28 januari 2019.